Enkele maanden geleden heb ik aan de computerhuisvredebreuk in het gemeentehuis van Werkendam een column gewijd. Weet u het nog? Jan Potters (ambtenaar en oud-wethouder) als vermeende computercrimineel? De politie doet huiszoekingen in zijn woning en in het bedrijf waar hij mede-eigenaar van is.
Inmiddels zijn we weer maanden verder; die politie-inval vond zelfs al een maand of negen geleden plaats. En nog steeds is er geen enkele duidelijkheid, althans niet voor de goegemeente. Of het moet zijn dat het gemeentebestuur eind 2010 besloten heeft om Jan Potters formeel te schorsen tot eind januari 2011; hij mag zich niet op het gemeentehuis laten zien. En ja, we weten de reactie daarop van Potters advocaat; die liet weten “te overwegen tegen die beslissing in beroep te gaan”. Dat is alles.
Dit roept allerlei (en steeds meer) nieuwe vragen op. Waarom is er nog steeds geen duidelijkheid? Moet het politieonderzoek nou echt zo lang duren? Zit het zo ingewikkeld in elkaar, dat er geen eenduidig antwoord te geven is? Is het niet zo dat bij de minste geringste bewijzen “Barbertje al had gehangen”? Want dan had het gemeentebestuur haar daad toch al lang gerechtvaardigd? Maar dat is niet gebeurd. Volgens mij is er in dit geval dan maar één conclusie mogelijk: Jan Potters heeft zich niet schuldig gemaakt aan welke vorm van misbruik dan ook.
Aan de andere kant vind ik de reactie van de advocaat van Potters op het besluit tot schorsing enigszins vreemd. Als je zeker weet dat je cliënt onschuldig is, dan ga je volgens mij niet “overwegen” om in beroep te gaan, maar roep je strijdlustig “dat we direct in beroep gaan”.
Wat ik ook vreemd vind, is dat de gemeenteraad oorverdovend stil is.
Gebeurt er dan toch iets achter de schermen? Wordt er één of andere constructie gemaakt waarmee alle partijen zich zonder noemenswaardig gezichtsverlies uit deze afschuwelijke zaak kunnen redden? Eind januari 2011 schiet al op; we zullen het nu echt snel weten. Toch?